vrijdag 9 mei 2014

Taalspelletje: 'opleggertje'

Wat zijn zinsdelen toch lastig hé?
Er moet veel mee geoefend worden, maar hoe?

Een paar dagen terug vond ik een leuk spel. Het heet 'opleggertje'.
Officieel komt het uit: Keja, H. (1984). Zinspelen: taalspelletjes in de kleine groep. 's-Hertogenbosch: Malmberg.

Het spel opleggertje is heel leuk en heeft als doel om kinderen kennis te laten maken met zinsdelen. Ook zien kinderen door dit spel dat een lang zinsdeel vervangen kan worden door één woord.

Hoe werkt het?
Het spelletje ‘opleggertje’ wordt gespeeld in een klein groepje.
De zinstrook wordt neergelegd en om de beurt mogen de spelers een kaartje op de oorspronkelijke zin leggen. De enige voorwaarde is dat het steeds een goede zin moet blijven.

Degene die als eerste al zijn kaartjes kwijt is, is de winnaar!

Ik heb twee documenten gemaakt met zinstroken en kaartjes.
Het ene document is in de tegenwoordige tijd, het andere document in de verleden tijd.

Ook zitten er een aantal lege zinstroken en kaartjes bij om door de kinderen in te laten vullen.
Klik hier (tt) en hier (vt) of op onderstaande plaatjes om de documenten te downloaden.


https://drive.google.com/file/d/0B9i-gVyDFheZbjBiaHhXOGNjUmM/view?usp=sharing


https://drive.google.com/file/d/0B9i-gVyDFheZdEM2N3k4YUczbUk/view?usp=sharing



Ik heb 'm zelf gemaakt, dus als hij niet goed werkt hoor ik het graag!

Veel speelplezier!


4 opmerkingen:

  1. ziet er leuk uit. hoeveel stroken leg je neer en hoeveel woordkaartjes geef je aan de kinderen?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Dankje! Elke leerling krijgt één strook en er kunnen zoveel woordkaartjes op de strook gelegd worden als de leerling wil. Enige voorwaarde is dat de zin goed blijft lopen.

      Groet,
      Yvon

      Verwijderen
    2. dus je geeft ieder kind bijvoorbeeld 10 woordkaartjes en om de beurt mogen ze dan kijken of ze een kaartje op hun eigen strook kan leggen? Na 10 beurten kijken wie de meeste kaartjes heeft opgelegd? Moet ik het zo zien?

      Verwijderen
    3. Zo zou je het inderdaad kunnen spelen, in competitievorm, maar het hoeft niet. Het inzien dat je met de zinsdelen kunt spelen is het doel van dit spelletje.

      Groet,
      Yvon

      Verwijderen